Studenten schrijven: Ga breien!

Auteur
Solange Candeias
Editie
2017; 03
Categorie
Overig
Download pdf
Print artikel
Ze zijn de verloskunde aan het ontdekken. Onderzoekend en met frisse ideeën bestormen zij het vakgebied. En soms kunnen ze verassend goed schrijven. TvV biedt deze studenten graag een podium. Deze maand twee enthousiaste auteurs van de Verloskunde Academie Rotterdam.

Ga breien!

Misschien kent u de serie wel: 'Call the midwife'. Vroedvrouwen breien daarin urenlang bij een thuisbevalling. Geen pijnstilling en geen medische ingrepen. Ik zag direct dit beeld voor me toen mijn stagebegeleider op mijn eerste dag zei dat ik geen epi's ging leren zetten, maar dat ik ging leren breien.

Ik kan je vertellen, het is heerlijk om te breien! Mijn breien is gebaseerd op een artikel van de bekende gynaecoloog Michel Odent. Hij bespreekt hierin een onderzoek over het psychologische effect van breien. Uit dit onderzoek blijkt dat mensen die breien tijdens een enge film minder stress en flashbacks ervaarden.[1]

Odent heeft dit vertaald naar het psychologische effect van breien bij de geboorte door vroedvrouwen. Namelijk de koppeling van de fysiologische geboorte en basisbehoefte waarin er een vergelijking wordt gemaakt met zoogdieren. Alle zoogdieren willen zich veilig voelen bij de bevalling. Wanneer er een roofdier aankomt zullen zij hun bevalling uitstellen.

Dit gebeurt ook bij barende vrouwen. Wanneer de adrenalinespiegel hoog is zal de baring minder snel verlopen. Het hormoon heeft een negatief effect op oxytocine en kan de weeën afremmen. [1,2]

Door de ontspannen houding van de vroedvrouw die duidelijk wordt door haar breien, maakt de barende meer endorfine aan, waardoor de oxytocinespiegel hoog blijft.[1]

Dit fysiologisch fenomeen komt terug in de standaard 'Niet-vorderende ontsluiting' van de KNOV. Hierin worden comfort-verhogende interventies geadviseerd om een fijne, rustige sfeer te creëren voor de barende vrouw, wat leidt tot positieve resultaten tijdens de baring.[2]

Breien als hulpmiddel

Toen ik nog maar net in het eerste jaar zat had ik al een sterke visie om niet 'zomaar' een verloskundige te worden. Wie ben ik om te zeggen hoe alles moet? De zwangere, barende, kraamvrouw kent haar lichaam het best en waarom zou ik daar niet op mogen vertrouwen en zou ik onnodige interventies (moeten) inzetten? Ja dat woord 'moeten', daar houd ik niet zo van.

Ik had het geluk om in mijn tweede studiejaar stage te lopen bij een caseloadpraktijk met twee vroedvrouwen. Tijdens die stage ging er een wereld voor mij open. Want JA zo kan het ook! Vertrouwen op de fysiologie, het natuurlijke de kracht van vrouwen en de kracht van het lichaam. Dat is ook waarom ik geen verloskundige, maar een vroedvrouw wil worden!

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat werken in een caseloadpraktijk leidt tot minder pijnstillingverzoeken en minder doorverwijzingen.[3,4] Juist doordat je je cliënten beter kent kun je meer vertrouwen op de natuur en haar kracht. Naar mijn idee creëer je zo veel minder pathologie.

Breien bij de geboorte kan daarbij een hulpmiddel zijn. Want juist door het breien van de vroedvrouw komt er rust en vertrouwen in de ruimte en is er een grotere kans op een fysiologisch verloop van de baring.

Vanuit het hart

Ik wil graag zo'n vroedvrouw worden die vertrouwt op de fysiologie en, ook bij pathologie, samen met de cliënt keuzes maakt die het beste bij haar passen.[5]

Voor mij is werken in een caseload praktijk en daarbij breien een mooie verrijking van mijn zorg als (toekomstige) vroedvrouw. Niet dat je alleen kan breien in een caseloadpraktijk. Ik denk dat het voor alle eerstelijns praktijken een goede aanbeveling zou zijn. Ik zie het al voor me, net zoals de nonnen van 'Call the midwife'; urenlang breien bij een geboorte.

Wat ik graag wil is zorg leveren vanuit mijn hart, met liefde en passie, waarin ik de cliënt centraal zet. Ik hoop dat ik dit mag overbrengen aan zwangere vrouwen. Zodat zij tevreden terug kunnen kijken op hun zwangerschap, geboorte en kraambed. En die epi's? Die komen nog wel!

Referenties

  1. Odent, M.. Knitting midwives for drugless childbirth. Midwifery today, 2004;4:21-22.
  2. Offerhaus, P., Boer, J. d., & Daemers, D. Niet-vorderende ontsluiting. Utrecht 2006: KNOV.
  3. McLachlan H.L, Forster DA, Davey MA, et al. Effects op continuity of care by primary midwife (caseload midwijfery) on caesarean section rates in women of low obstretic rist: the COMOS randomised controlled trial. BLOG 2012;119:1483-92
  4. Fontein Y. The comparison of birth outcomes and birth experiences of low-risk women in different sized midwifery practices in the Netherlands. Women Birth 2010;3:103-10
  5. Rijksoverheid. (2014, mei 13). Wet op de geneeskundige behandelingsovereenkomst (WGBO)