Column Cliënt: De lieve vrede

Auteur
Renske Verheul
Editie
2018; 02
Categorie
Opinie
Download pdf
Print artikel
Ik lees een boek over de Grote Oorlog. Het gaat over bloed, tranen, lijken van dieren en mensen. Over bittere armoede. Over loopgraven. Maar ook over verstilling, rust, strand, groene weiden. Over een gezin dat het relatief goed heeft met elkaar ondanks schrijnend onrecht, over dominantie van de kerk die met de machthebbers heult, en over slechte arbeidsomstandigheden. De vrouwen in het boek zijn tot nu toe bijfiguren, hoewel er immens van ze gehouden wordt. De vader van de hoofdpersoon ziet zijn vrouw in zijn hele leven slechts eenmaal naakt. Per ongeluk. Ze is diep gekwetst. Andere tijden.

Soms wordt er over de twee beroepsmatige 'kampen' in de geboortezorg – grofweg de vroedvrouwen versus de gynaecologen – gesproken over het betrekken van loopgraven. En hoe de kampen nader tot elkaar zouden kunnen komen. Beter communiceren, is vaak het antwoord. En tegenwoordig is het panacee zogenaamd de integrale bekostiging. Eerlijk gezegd geloof ik er niet zo in, in dat harmoniemodel. Zeker niet als dat op basis van omfloerste beleidstaal gebeurt.

Vrouwen, en met hen de vroedvrouwen, hebben millennialang hun plek aan de tafel waar de beslissingen worden genomen, afgewacht in plaats van opgeëist. Ik geloof niet dat ze het ook maar een snars verder heeft gebracht. Er wordt een kniebuiging gemaakt richting medicalisering van heb ik jou daar, en een medevroedvrouw die een zwangere bijstaat die voor haar rechten vecht in het Bravis-ziekenhuis, wordt in de kou gelaten. Het aantal vroedvrouwen in de rechtszaal in de zaak 'Sophie' was op een hand te tellen, noch was er een vertegenwoordiger van de KNOV, haar beroepsorganisatie, aanwezig. Ik zou verwachten dat een beroepsgroep die haar bestaansrecht wil bestendigen massaal ten strijde trok.

Hoe geloofwaardig is de KNOV die stelt keuzevrijheid van de vrouw voorop te stellen maar na de uitspraak van de rechter stelt dat de keuzevrijheid niet absoluut is en met de dooddoener komt dat professionals een eigen afweging moeten kunnen maken in verband met mogelijke 'aansprakelijkheid'? Heeft de KNOV de Leidraad 'verloskundige zorg buiten richtlijnen' zelf eigenlijk wel gelezen? Punt 8: 'U bent verantwoordelijk voor een zorgvuldige procedure en correcte wijze van handelen, niet voor de uiteindelijke uitkomst.' Punt 10: 'Uiteindelijk beslist de zwangere nadat zij uw advies heeft gehoord.' Zij beslist. Ze is geen bijfiguur zoals in het boek dat ik lees. Je kunt niet én protocol én de keuzevrijheid van de cliënt volgen. Je kunt maar een meester dienen. En dat is de cliënt. De cliënt is je broodheer, níet het protocol, de integrale bekostiging, of de tweede lijn.

Het harmoniemodel, iedereen een beetje naar de mond praten, de kool en de geit sparen (en nog hypocrieter: het kiezen tussen keuzevrijheid voor de vrouw en het belang van de integrale geboortezorg een 'dilemma' noemen, wat de KNOV in een van haar verklaringen over de zaak Sophie deed): het is een heilloze kortetermijnstrategie. Op den duur breng je hiermee je eigen beroepsgroep om zeep, en daarmee de mogelijkheid op een autonome, fysiologisch bekrachtigende bevalling van de vrouw. Dus wat kies je? De lieve vrede bewaren, met de vrouw als speelbal ertussen? Of kies je positie voor de vrouw, en blijf je ferm en trots die positie verdedigen? Tegen onzin, tegen onrecht en tegen al die andere ongein.

En o ja, je bent dus niet beslissingsbevoegd over het lichaam van een ander. Ook niet als je het Bravis-ziekenhuis heet.

Renske Verheul
is moeder van twee kinderen (2 en 4 jaar) en actief binnen GeboorteBeweging