VSV De Slinge maakt de balans op. Voorlopig geen integrale bekostiging

Auteur
Kristel Zeeman
Editie
2018; 06
Categorie
Overig
Download pdf
Print artikel
Zorgen dat de zwangeren het goed hebben en voorlopig geen integrale bekostiging. Dat zijn de plannen voor de komende tijd bij VSV De Slinge. Met Kirsten Schatorjé en Tamara Verhagen maken we de balans op van de integrale inspanningen van de afgelopen twee jaar in regio Doetinchem. Hun grootste wens: een betaalde kracht, voor een kwaliteitsslag en meer lucht op vrije dagen.

Goede voornemens en een wil tot samenwerking, daarmee begon het allemaal zo'n twee jaar geleden. Bij VSV De Slinge in Doetinchem en omgeving stond integrale zorg in de kinderschoenen en Tijdschrift voor Verloskundigen besloot hen in 2017 te volgen op het glibberige pad naar intensieve samenwerking. Voorlopers waren ze niet, zeker ook geen achterblijvers.

Verloskundigen en gynaecologen vinden elkaar in 'De Slinge' altijd vrij gemakkelijk waar het gaat om inhoud van de zorg. Invoering van de zorgstandaard ging daardoor voortvarend, zoals te lezen viel in het tweede artikel van de reeks. Moeilijker zijn veranderingen in de organisatie en de financiering van zorg. Machtsverhoudingen en angst voor verlies van autonomie zitten goede samenwerking in de weg. Integrale bekostiging of een gezamenlijk digitaal dossier zijn daardoor moeilijker te regelen. Herkenbare zaken waarschijnlijk voor de meeste VSV's in het land.

Een integraal pareltje en voorbeeld voor anderen is in Doetinchem de zorg en aandacht voor kwetsbare zwangeren, georganiseerd vanuit een speciaal opgezette poli. Dit project behoeft alleen wat bijschaving zo hier en daar.

En nu maken we de balans op: Hoe staat het eind 2018 met de integrale zorg in het VSV? Voorvrouwen verloskundige Kirsten Schatorjé en gynaecoloog Tamara Verhagen vertellen over de successen die zijn geboekt, de uitdagingen die er nog liggen, de wensen die ze hebben voor de toekomst. En wat hebben ze geleerd van anderen?

Zorgstandaard

Tamara Verhagen, gynaecoloog en tot vorige jaar voorzitter van het VSV: "Met de implementatie van de zorgstandaard hebben we twee jaar terug een voortvarende start gemaakt. Het integrale zorgpad is af. Iedere zwangere krijgt aan het begin van de zorg een zorgpadkaartje, zij weet dan precies wat ze kan en mag verwachten. Dit zorgpad is ook digitaal te vinden in onze ZwApp, een medische app met deskundige, persoonlijk afgestemde informatie en adviezen over de zwangerschap.

Verder hebben we de implementatietool 'Zorgstandaard Integrale Geboortezorg' van het CPZ ingevuld en daaruit blijkt dat we op schema liggen. Alleen de kwaliteitsbewaking is nog een hele kluif, de cyclus van continue verbetering van de zorg en van de organisatie. Daar is echt mankracht voor nodig. Het lukt degenen die ook gewoon de patiëntenzorg verzorgen niet om dat er ook nog bij te doen. Verder is er een aantal zaken die pas voor 2019-2020 klaar hoeven zijn, zoals de preconceptiezorg. Een van onze klinisch verloskundigen wijdt haar masterscriptie op dit moment aan het opzetten hiervan."

Eerstelijns verloskundige Kirsten Schatorjé, die sinds dit jaar voorzitter is van het VSV, is ook tevreden over hoe de zaken lopen: "Voor mij voelt het nu soms alsof er weinig gebeurt, maar dat komt mede doordat we aan het begin zo hard hebben gewerkt. Natuurlijk is het van belang om ook de lopende zaken te blijven stimuleren en controleren. We hebben eind november een heidag gehad, waarbij het bestuur van het VSV heeft bekeken hoe we de 'controle' kunnen houden. Tijd is wat dat betreft echt een punt. Zoals Tamara zegt: alle extra's komen er bij. We zijn een wat kleiner VSV met minder poppetjes. Dat heeft voordelen voor het samenwerken en overleggen, maar het nadeel is dat ieder poppetje maar 24 uren in een dag heeft."

Onderlinge samenwerking

Het VSV wil meer verbinding tussen de eerste en tweede lijn. Daarom organiseert het bestuur regelmatig gezamenlijke trainingen, informele borrels of workshops.

In het voorjaar waren alle leden bijvoorbeeld uitgenodigd voor een middag over positieve gezondheid, waar de aanwezigen onder andere ook persoonlijke werkmotivatie uitwisselden. En binnenkort volgen alle verloskundigen, klinisch en eerste lijn, gynaecologen, verpleegkundigen, kraamverzorgsters en ambulanceverpleegkundigen een training spoedhandelingen. Schatorjé: "Dit is voornamelijk gericht op communicatie en dus een hele goede om de samenwerking nog beter te maken!" Verhagen: "Ook maken we bestaande richtlijnen waar mogelijk meer integraal. Dus zorg in de eerste lijn waar het kan en in de tweede lijn waar het moet."

Financiering

In de derde aflevering van de Slinge-serie[3] spraken klinische verloskundige Marieke Peulers en gynaecoloog Evelien Tepe zich uit over het belang van integrale bekostiging. Peulers: "Het zou helpen als de integrale organisatie en de verdeling van geld duidelijk zijn vastgelegd. Er is dan minder gedoe, minder wij-zij. Als de financiën geen rol meer spelen, wordt samenwerking makkelijker." Tepe voegt daaraan toe: "We zullen ook wel moeten. Samen zijn we er verantwoordelijk voor dat de zorgkosten dalen. Die zijn in Nederland torenhoog. Iedereen die zorg levert en óók patiënten dragen die verantwoordelijkheid."

Toch blijft het VSV ermee worstelen. Het is geen eenvoudig punt en nu geen prioriteit. Eerste en tweede lijn zijn onderdeel van verschillende ontwikkelingen. Schatorje vertelt: "We hebben enkele vormen van integrale financiering onderzocht, dit heeft echter nog niet geleid tot het ei van Columbus. We zijn zoekende, maar ook reëel en daarmee is de verwachting dat we niet snel in een integrale financiering zullen stappen. Verloskundigen in de eerste lijn werken nu wel hard om voor de gehele regio een zorggroep op te starten. In deze gezamenlijke coöperatie maken we afspraken met elkaar over de kwaliteit van zorg. Zo kunnen we beter en efficiënter met zorgverzekeraars onderhandelen.

De vakgroep van gynaecologen is daarentegen opgenomen in het medisch specialistisch bedrijf binnen het ziekenhuis. Specialisten zijn verenigd in een coöperatie die afspraken met het ziekenhuis heeft gemaakt over de verdeling van de inkomsten. Sinds een aantal jaar declareren de specialisten niet meer zelf bij de verzekeraars, maar gebeurt dit via het ziekenhuis. Verhagen: "Het is erg lastig gebleken om zicht te krijgen op de kosten die specifiek voor de obstetrische zorg zijn gemaakt. Er bestaat alleen een bundel voor de hele gynaecologische zorg. Dat maakt integrale bekostiging voor de geboortezorg lastig. Voorlopig houden we ons vizier op de kwaliteit van de zorg en wachten we de landelijke ontwikkelingen in de financiering af."

Gezamenlijk dossier

Een grote wens van VSV De Slinge is het gezamenlijke elektronisch patiëntendossier (EPD), waarin alle partijen hetzelfde dossier kunnen inzien en bewerken. Maar volgens Schatorjé is het moeilijk voor zorgverleners om dat te realiseren. "Er zijn zoveel haken en ogen, er is zoveel geld voor nodig dat invoering van het EPD op korte termijn nog niet te verwachten is. Toch blijven we hopen en strijden en zullen we er onderling voor zorgen dat de cliënten geen last ondervinden van de informatieoverdracht."

Verhagen vult aan: "Het EPD is inderdaad nog lang geen feit. Financieel en praktisch zijn er nog hobbels te nemen. Plan is om HIX, het EPD waar we in het ziekenhuis mee werken, daarvoor te gaan gebruiken. De landelijke ontwikkelingen voor een gezamenlijk EPD gaan ook zeer traag. Dus daar wachten we niet op. We plannen nu een eerste oriënterende afspraak met de softwareontwikkelaar om samen te bekijken hoe het werkt, wat de gevolgen zijn en of we dan als eerste en tweedelijns verloskundig zorgverleners het erover eens zijn wat er in komt te staan en hoe."

Geen vrijwilligerswerk

Als ze één ding zouden mogen veranderen om het VSV verder te versterken, dan zouden ze allebei een betaalde kracht inzetten voor de nodige VSV-zaken. Verhagen: "Professionalisering van het VSV zou enorm helpen om verdere uitwerking, implementatie en zeker de borging van de zorgstandaard te garanderen. Als dat allemaal op basis van vrijwilligerswerk blijft, want dat doen we nu eigenlijk allemaal, dan blijft het hangen bij de implementatie vrees ik."

Schatorjé beaamt dit van harte: "Ik zou het heel mooi vinden als we de financiële middelen kunnen vinden om iemand in te huren of een bestuurslid te betalen, zodat diegene de regie heeft en daar ook tijd voor heeft. Van andere VSV's weet ik dat ze een dag in de week iemand in dienst hebben, zodat de mensen op de werkvloer niet alles hoeven uit te zoeken. Dat scheelt zoveel tijd! Ik vind het bestuurswerk in het VSV erg leuk, een verdieping van je vak waardoor je een bredere blik krijgt. Met wat extra geld zou het beter te behappen zijn wat we allemaal moeten. Nu gebeurt het voornamelijk op kostbare vrije dagen of in de pauze van het spreekuur."

Kristel Zeeman is redacteur TVV