Aangepaste kwaliteitseisen voor counseling prenatale screening

Auteurs
Mireille Bekker, Karin Diderich, Janneke Gitsels-van der Wal, Linda Martin, Marit Hitzert, Jacqueline Reijerink-Verheij
Editie
2018; 05
Categorie
Overig
Download pdf
Print artikel
Verloskundigen waren het afgelopen jaar kritisch over de kwaliteitseisen voor counseling voor prenatale screening. Zij zetten vraagtekens bij het nut en de hoeveelheid ervan. RIVM, KNOV en andere betrokken partijen nemen de kritiek serieus en onderzoeken hoe het beter kan.

Sinds 2007 hebben verloskundig zorgverleners de specialistische taak om te counselen over prenatale screening. Het grootste deel van de zwangeren start hun prenatale zorg bij de verloskundige. Verloskundigen kennen de zwangeren vaak goed en uit onderzoek blijkt dat de unieke relatie tussen verloskundige en zwangere belangrijk is voor een geslaagde counseling.[1] De verloskundigen hebben een sleutelrol in het informeren van aanstaande ouders en het bieden van ondersteuning bij besluitvorming, zodat zij een geïnformeerde keuze kunnen maken.

Geïnformeerde keuze

Door ouders informatie te geven over het doel van de screening en de aandoeningen en met hen in gesprek te gaan over welke keuze bij hun waarden en normen past, kunnen de ouders geholpen worden een geïnformeerde keuze te maken over prenatale screening. Onderzoek geeft aan dat zwangeren behoefte hebben aan betere ondersteuning bij het maken van de soms lastige keuze.[1,2]

Als ouders kiezen voor screening, kan de uitslag hen ongerust maken. Zij komen namelijk voor een aantal dilemma’s te staan. Wat als ze kiezen voor vervolgonderzoek en er uit dit onderzoek naar voren komt dat het kind een aandoening heeft? Willen zij voor deze keuze gesteld worden of willen zij daar niet over hoeven nadenken? En ook al is de uitslag goed, dan kan hun kind alsnog een aandoening hebben.

Het benoemen van de mogelijke keuzes, de zogenaamde handelingsopties, kan belastend zijn voor de ouders en kan een negatieve invloed hebben op de beleving van het zwanger zijn.[3] Niet alle ouders willen deze handelingsopties voorgelegd krijgen.[3] Dit maakt dat er tijdens het counselingsgesprek veel aandacht is voor een geïnformeerde keuze en de vrijwilligheid om deel te nemen aan deze onderzoeken.

Vaardigheden en toetsen

Ondersteuning bieden bij een besluit over prenatale screening vraagt kennis en specifieke vaardigheden van de verloskundigen. Daarom moesten verloskundigen voor het einde van 2018 een training gevolgd hebben, waar deze vaardigheden werden geoefend.

Vanaf 2019 toetsen de Regionale Centra ook op counselingsvaardigheden. Counselors kunnen online binnen één uur hun vaardigheden toetsen op elk gewenst moment van de dag én op elke gewenste locatie. Er zijn geen kosten verbonden aan de toets, die samen met KNOV en NVOG ontwikkeld werd.

De counselor test haar vaardigheden in verschillende, fictieve situaties en filmt haar eigen reactie. Daarop krijgt de counselor uitgebreide persoonlijke feedback van een coach. De filmpjes worden zonder cliënt opgenomen en opgeslagen in de beveiligde omgeving, waar alleen de coach bij kan. Een grote groep counselors heeft de toets in de praktijk getest.

Deze nieuwe manier van toetsen werd door de meeste counselors in de pilot gewaardeerd. Een aantal counselors vond het wel wat onwennig om zichzelf te filmen. Daarom wordt er aan het begin van de toets een extra oefenmogelijkheid gegeven. Een aantal counselors vindt de methode leerzaam maar miste de interactie met de cliënt. Deze en andere feedback is meegenomen in het bijstellen van de toets.

De filmpjes blijven tot zes weken na afloop van de toets bewaard, waardoor er ruimte is om eventueel bezwaar te maken. In 2019-2020 wordt de toets lerend ingezet. De counselors kunnen bij de uitslag zien hoe zij de toets gemaakt hebben ten opzichte van hun anonieme collega’s en ontvangen twee accreditatiepunten. Alle counselors ontvangen in 2019 en 2020 een eerste aankondiging van de Coöperatie Landelijk Beheer Prenatale Screening (CLBPS). De uitnodiging voor de toets komt van Traintool. Veel gestelde vragen over de toets zijn te vinden op de website van het RIVM.

Aangepaste kwaliteitseisen

Verloskundig zorgverleners hebben vragen gesteld over de hoeveelheid en het nut van de kwaliteitseisen prenatale screening. Daarom hebben onder andere het RIVM, de KNOV, de NVOG en de Regionale Centra kritisch gekeken naar de nieuwe bijscholingsronde 2019-2020.

Het counselen over nevenbevindingen krijgt meer aandacht, omdat veel counselors dat ingewikkeld vinden. De eisen aan bijscholing zijn aangepast en het aantal te behalen accreditatiepunten voor de prenatale screening wordt verlaagd. De reguliere theoretisch bijscholing (3 punten) komt per 2019 te vervallen. De bijscholingsronde 2019-2020 bestaat uit:

· Gebruiksvriendelijke e-learning prenatale screening, die de digitale individuele nascholing (DIN) vervangt (3 punten).

· Scholing over counseling, bijvoorbeeld themabijeenkomsten van het Regionaal Centrum (2 punten).

· Toets counselingsvaardigheden (2 punten).

· Vaardigheidstraining (inrichting en punten nader te bepalen)



Meer informatie over de ontwikkelingen rondom de kwaliteitseisen en bijscholing bij de RIVM, de Regionale Centra, de KNOV en NVOG.

Kwaliteitseisen

Het RIVM formuleerde kwaliteitseisen die goede counseling faciliteren. Dat deed het samen met afgevaardigden van de KNOV, NVOG, BEN, VKGN, Regionale Centra, NVK, NHG, VSOP en het Erfocentrum. De kwaliteitseisen zijn:

1. Ruimte voor een counselingsgesprek van 30 minuten, met tijd voor informatieuitwisseling en ondersteuning bij besluitvorming;

2. Het counselingsgesprek dient apart, los van de intake, plaats te vinden zodat het gesprek één focus heeft en ouders niet te veel informatie in één keer krijgen;

3. Een minimum van 50 gesprekken per jaar, zodat counselors inhoudelijk en gesprekstechnisch voldoende ervaring verwerven en behouden om vaardig te counselen over prenatale screening.

Bezwaar

De KNOV heeft bezwaarbrieven ontvangen over de kwaliteitseisen voor het counselen prenatale screening. Counselors maken onder andere bezwaar tegen de huidige norm van 50 counselingsgesprekken en het inzetten van de ‘Traintool’ als instrument voor de counselingsvaardigheden. De KNOV zal deze met betrokken partijen bespreken in de eerste helft 2019: zijn de kwaliteitseisen correct en haalbaar in de praktijk? Alle counselors worden aangeschreven om deel te nemen aan de evaluatie die door een onafhankelijke partij wordt uitgevoerd. Ook komt er een onderzoek naar de ervaring van zwangere vrouwen met de counseling prenatale screening. Deze input wordt gebruikt, voor optimale kwaliteit van de counseling.